Hunkeren naar verbinding
“Waarom schrijf jij van die persoonlijke blogs?”, wordt mij wel gevraagd, “je stelt je daarin zo kwetsbaar op…”. Mijn antwoord op die vraag is eenvoudig: “mijn website is mijn uitlaatklep, daar kan ik rustig mijn verhaal ontvouwen en vind ik een luisterend oor”.
Misschien vinden deze vraagstellers dat geen fijn antwoord, want dat zijn zij toch? Zij ervaren mijn antwoord misschien als afwijzing van de betekenis van onze relatie. Ingewikkeld allemaal.
Toch, voordat ik verder ga:
Ik heb geaarzeld of ik wel een blog zou schrijven. We worden allemaal in de tang genomen door een bizarre en angstaanjagende wereld waarin het recht op vrijheid en veiligheid op de tocht staat. En dan ik doorgaan met mijn gedoe? Je ziet: ik doe het toch. Voor mij is het belangrijk om – wil ik sterker staan in relatie tot anderen en de wereld om mij heen, ook om waar mogelijk eventueel meer te betekenen – dan wil ik graag mijn persoonlijke bagage op orde hebben. Daarbij komt: ik schrijf mijn blogs niet alleen voor mezelf, ook anderen vinden hierin herkenning en misschien kracht voor zichzelf en ook dat is een van mijn drijfveren.
Zo lang ik mij kan herinneren worstel ik met de vraag hoe ik ‘erbij’ kan horen, wat ik daarvoor moet doen en wat ik hoop dat de anderen daarin kunnen betekenen. Nu realiseer ik mij dat ik me gedraag als een ‘rupsjenooitgenoeg’: ik blijf maar zoeken naar goedkeuring, bevestiging en warmte. Nog steeds. Maar heel geleidelijk wordt het mij duidelijk dat ik daar nooit genoeg van zal krijgen omdat ik de verbinding met de ander gevoelsmatig niet als zodanig herken.
Verwachting vs behoefte
Anderen geven mij vaak aan dat ik teveel van ze verwacht en dat ik die verwachtingen bij moet stellen om het leven voor mij makkelijker en overzichtelijker te maken. Rationeel begrijp ik die reactie. In veel gevallen klopt dat ook, zeker bij de praktische dingen, maar voor mij op gevoelsniveau (intuïtie) ook vaak niet. En dan interpreteer ik dit verschil weer als een verwijdering of afwijzing. En dat gebeurt vaak; dat voelt eenzaam.
Het beleven van verbondenheid
Het gaat om de beleving van verbondenheid. Die mis ik. En dat is, denk ik, de rode draad in de problemen die ik met mijn autisme ervaar. Dat zit diep en strekt zich uit over veel levensgebieden.
Ik ervaar een haperende gevoelsmatige verbinding met anderen, maar ook met mijn lichaam, mijn positie (zowel fysiek als gevoelsmatig) in relatie tot mijn omgeving en ik ben ook niet goed in staat om bijvoorbeeld mijn (zowel fysieke als emotionele) houding af te stemmen op die van de ander (interoceptie, proprioceptie). En, bovenop dat alles, ben ik slecht in staat om mijn innerlijke gevoelens naar anderen over te dragen (alexithymie). Ik heb daar in mijn vorige blog al over geschreven.
Dat gesprek hierover kan ik het beste openen via mijn blogs; soms is dat aanleiding voor een gesprek hierover met vrienden, maar dat gebeurt niet vaak (ik schrijf misschien ook wel veel blogs …).
Ik ervaar het gebrek aan gevoelsmatige verbinding als afwijzing, ik hoor er niet bij. En dan dreig ik de relatie met die ander maar zelf af te wijzen… En in die redenering zit een knoop: vanuit de ander is de verbinding er wel, maar ik herken dat gewoon niet. Daardoor ben ik ook zo wisselend in mijn waardering van contacten: als ik niet uitkijk schiet deze van het ene naar het andere uiterste. Mijn kompas of antenne voor gevoelsmatige verbondenheid werkt niet goed; verbale bevestiging is mijn brandstof. Via de ratio, dus, vertel me alsjeblieft dat ‘het goed zit’. Dan voel ik me gezien en gewaardeerd.
Illusie
Het kunnen beleven/ervaren van gevoelsmatige verbinding, gepaard aan mijn hunkering ernaar, blijkt een illusie. Het zit er gewoon niet in: ‘ik kan mezelf als kikker niet leren vliegen’. Zoals therapeut Nico destijds ook al zei: het gaat nu om het “herkennen, erkennen en accepteren”, en vooral dat laatste is nu een hele grote opgave. Dit probleem komt al jaren, telkens in iets andere hoedanigheid, op mij af. Het hoort bij mij. Bij mijn autisme.
Dat voelt als verlies, ik moet door een soort rouwproces. En dat terwijl ik intussen eind 70 ben … maar ik ben er – nadat ik, zoals ik in bovengenoemde blog ook schreef, een paar weken heel diep heb gezeten – op advies van mijn huisarts sinds heel kort over in gesprek met een POH-GGZ. Ik hoop dat de beste uitkomst van die gesprekken (waar en bij wie dan ook) mij zover kan brengen dat ik in het reine kom met mezelf, inclusief deze handicap; dat ik de weg vind naar optimale zelfacceptatie.
Ik hoop ook aan anderen te kunnen overbrengen, en dat is voor mij dus heel moeilijk, dat zij zich op hun manier weliswaar verbonden met mij kunnen voelen, maar dat dit door onvermogen van mijn kant, niet zonder meer wederzijds zo voelt. Bij mij loopt dit, evenals empathie, via mijn ratio: ik moet dit onder ogen blijven zien. En dat is een harde vaststelling. Ik mis houvast aan het anker dat volgens mij het cement is van gevoelsmatige verbondenheid in relaties. Ook in de relatie met mezelf…
Wat zou ik in plaats daarvan kunnen verzinnen en gebruiken? Geen idee. Nog niet. Je kunt het koppigheid of hardnekkigheid van mij noemen, maar ik blijf maar doorgraven naar iets dat kennelijk een onbereikbare illusie is … maar ik doe daarmee vooral mezelf te kort. Dat weet ik best.
Kloof
En het is misschien bovendien iets dat anderen als ze deze deze handicap niet hebben, op hun beurt nooit zo kunnen ervaren; dat maakt de communicatie hierover zo ingewikkeld. Zoiets als dat een kleurenblinde nooit kan overbrengen hoe & wat die persoon van de wereld waarneemt. Maar hoe draag je iets over dat niet zichtbaar is? Je kunt het alleen zo goed mogelijk proberen te omschrijven. Of uit te beelden met bijvoorbeeld foto’s of andere creatieve oplossingen. Toen ik pas wist van mijn autisme kreeg ik van mijn therapeut de opdracht om mijn autisme uit te beelden met foto’s … en dat lukte.
Wat zou mij kunnen helpen?
In mijn ideale sociale omgeving voel ik mij graag gezien vanwege de kenmerken die mij toch een fijn mens maken. En dat zijn bijvoorbeeld mijn spontaniteit, eerlijkheid, betrouwbaarheid, scherpte, goede gesprekspartner, warme en hartelijke gastvrouw die graag dingen uitwisselt en samen onderneemt. Ik vind wandelen leuk, foto’s maken, een goed gesprek, samen eten & een goed wederzijds persoonlijk gesprek waarin ook de ander eigen ‘issues’ met mij bespreekt, een stad, museum of concert bezoeken….
En dat ook graag soms op initiatief van anderen; meestal moet ik mezelf ertoe bewegen om het contact te leggen. En dat kost mij, dat zul je begrijpen, ook weer veel moeite omdat het ik contact graag telkens weer via de ratio bevestigd zie worden. Soms is het gewoon fijn om het aangereikt te krijgen…
Hier ben ik, dus: wie doet er mee? En wie kan het geduld opbrengen om te begrijpen waardoor ik toch nog zo nu & dan bevestiging zal vragen van de wederzijdse waarde van ons contact?